ontdekhoreca.nl
Restaurants, Hotels, Scholing, Recepten, Groothandelaren. Dit is een kleine greep uit wat deze site u te bieden heeft. Nederlands  Engels 
Home
 Agenda   Sint de film   Forum   Partners   Nieuwsbrief   Nieuws   Winkel 
Belangrijkste bepalingen en wijzigingen CAO horeca per 1 april 2008



Belangrijkste bepalingen en wijzigingen CAO horeca per 1 april 2008

De nieuwe CAO horeca geldt per 1 april 2008 direct voor de leden van Koninklijk Horeca Nederland die onder de werkingssfeer en toepassing van die CAO vallen. Zij moeten de CAO voor al hun werknemers die onder de CAO vallen toepassen. De cao horeca geldt voor niet-leden vanaf het moment dat de CAO algemeen verbindend wordt verklaard.

Disclaimer

Dit overzicht heeft geen officiële status en er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Voor de volledige juridische relevante teksten verwijzen wij nadrukkelijk naar de cao-tekst zelf.

Aangaan en beëindigen dienstverband (artikelen 4 en 5)

  • Altijd twee maanden proeftijd mogelijk.
    • Moet wel schriftelijk in de arbeidsovereenkomst worden vastgelegd; geen wijziging.
  • Een keten van zes contracten voor bepaalde tijd in 5 jaren
    • Een zevende contract binnen 5 jaren betekent automatisch een contract voor onbepaalde tijd, een tweede, derde, vierde, vijfde of zesde contract na 5 jaren betekent ook automatisch een contract voor onbepaalde tijd; zonder cao is de keten 3 contracten in 3 jaren; geen wijziging.
  • Minuren na opzegging door werknemer
    • De werkgever mag minuren (uren al uitbetaald en nog niet gewerkt) verrekenen als die resteren doordat de werknemer het dienstverband opzegt (nieuw). De werkgever moet de werknemer na de opzegging wel gewoon inroosteren, waarbij rekening moet worden gehouden met voorhanden werk en de belangen van andere werknemers.

Dienst- en werkrooster en arbeidstijden (artikelen 6 en 7)

De Arbeidstijdenwet is gewijzigd (inzetbaarheid is versoepeld vooral bij jeugdigen en bij werken op zondagen en in de nacht). De nieuwe cao is daarop aangepast. Arbeidstijdenwet en cao schrijven voor dat er een deugdelijke registratie moet zijn van arbeids- en rusttijden.

  • Werkgever hanteert een dienstrooster waarmee werknemer minimaal twee weken vooraf zijn werktijden verneemt (was een week).
  • De normale arbeidstijd blijft 1.976 uren per volledig kalenderjaar (gemiddeld 38 uren per week). Nieuw is dat een hoger aantal mag worden overeenkomen zonder dat sprake is van overwerk.
    • Als bijvoorbeeld 2.184 uren per volledig kalenderjaar wordt overeengekomen (gemiddeld 42 uren per week) dan moet uiteraard minimaal 42/38 van de cao loontabel worden uitbetaald of in de wachtperiodiek van het wettelijke minimumloon (WML).
  • De normale arbeidstijd is in deze cao wel van toepassing op de werknemer die ten minste 2x het WML verdient en grotendeels leiding geeft. De normale arbeidstijd was eerder als uitzondering niet van toepassing. Het is nu mogelijk met hem een langere werkweek overeen te komen, zie vorige punt.
  • De jeugdige werknemer van 16 of 17 jaar mag nu ook op zaterdag én zondag aaneen werken, mits er bij elkaar voldoende rusttijd is. Schooltijd telt altijd mee als arbeidstijd. Er moet altijd in een periode van 7 dagen een rust van ten minste 36 aaneengesloten uren zijn. De jeugdige werknemer mag tot uiterlijk 23.00 uur werken. Binnen 24 uur moeten er altijd 12 uren aaneengesloten rust zijn, waaronder de uren tussen 23.00 en 06.00 uur.
  • De werknemer van 15 jaar mag beperkt licht werk verrichten en zeker niet voor 7.00 uur en zeker niet later dan tot uiterlijk 19.00 uur. In schoolweken mag niet op meer dan 12 uren worden gewerkt. Op een schooldag mag niet meer dan 2 uren en in vakantieweken niet meer dan 40 uren worden gewerkt. Deze werknemer mag alleen op zondagen werken als niet ook op zaterdag is gewerkt en de ouders instemmen. Binnen 24 uur moeten er altijd 12 uren aaneengesloten rust zijn, waaronder de uren tussen 19.00 en 07.00 uur.
  • Het werken op meer dan 40 zondagen in een jaar mag, maar de werknemer moet voor die extra zondagen wel telkens voor die dag hebben ingestemd, bijvoorbeeld door aanvaarden dienstrooster. (Was in een jaar verplicht 13 zondagen vrij of anders gezegd was het verboden meer dan 40 zondagen in een jaar te werken.)
  • Nachtarbeid blijft mogelijk in maximaal 140 nachtdiensten in 52 weken, of maximaal 38 uren per aaneengesloten twee weken tussen 0.00 en 6.00 uur nachtarbeid. In uitgaansgelegenheden (géén hotels!) waar uitsluitend of in hoofdzaak 's nachts werkzaamheden zijn, mag in het gemiddelde 5-daags ritme van 20 nachtdiensten in 4 weken worden gewerkt. Hotels kunnen gebruik maken van de regeling aanwezigheidsdienst.
    • De wettelijke overgangsregeling uit 1996 voor werknemers die toen permanent 's nachts werkten blijft onverminderd van kracht. Die werknemers mogen dat blijven doen.

Overwerk (artikel 8)

Er is sprake van overwerk als meer dan 1.976 uren in een kalenderjaar wordt gewerkt. De eerste 208 overuren worden à 100% vergoed, het meerdere à 150%.
  • Wanneer de nieuwe mogelijkheid van een individuele normale arbeidstijd van bijvoorbeeld 2.340 uren in een kalenderjaar (gemiddeld 45 uren per week) wordt overeengekomen, is pas sprake van overwerk als meer dan die 2.340 uren worden gewerkt.
    • De cao bepaalt dat als er sprake is van overwerk (in dit geval de uren boven de 2.340) dan worden die uren als overwerk vergoed. Vervolgens beantwoordt de cao de vraag hoe overuren worden beloond. Als er sprake is van een gemiddelde werkweek van meer dan gemiddeld 42 uren, dan worden overuren in dit voorbeeld boven de 2.340 uren elk direct à 150% vergoed.
    • Als er sprake zou zijn van overwerk bij een overeenkomst om gemiddeld 40 uren te werken (2.080 in een kalenderjaar) dan zijn de uren tot het aantal van 2.184-2.080 elk à 100% en het aantal boven de 2.184 elk à 150%.
  • De cao staat de werkgever nu toe vergoeding van overwerk direct in geld uit te betalen als de werknemer er om vraagt en vergoeden in vrije tijd in redelijkheid niet wordt voorzien.

Prestatiebelonen (artikel 9 lid 5 en artikel 11 lid 3)

  • Het systeem van een vaste periodieke verhoging van 2% als het loon van de vakvolwassen werknemer binnen basis- en eindloon ligt, wordt losgelaten.
  • Nieuw is dat jaarlijks een beoordelingsgesprek volgt waarin het functioneren wordt beoordeeld, werkafspraken worden gemaakt, ook over de persoonlijke ontwikkeling van de werknemer en prestatiedoelen worden afgesproken die maatgevend zijn voor de prestatieverhoging per 1 januari van een jaar en waarvan de uitkomst schriftelijk wordt vastgelegd. De vakvolwassen werknemer met een binnen basis- en eindloon heeft jaarlijks aanspraak op een prestatieverhoging.
  • De werkgever hanteert een uniform beoordelings- en beloningssysteem. De werknemer moet daarover vooraf zijn geïnformeerd. Koninklijk Horeca Nederland heeft daarvoor modellen op de website. De werkgever is overigens vrij in zijn eigen criteria en beloningselementen. Dat laat verder onverlet dat voor de Wet op de ondernemingsraden een dergelijke regeling instemmingsplichtig is.
  • Heeft de werkgever dat alles niet voor elkaar, dan volgt alsnog een vaste verhoging van 2% als het loon van de vakvolwassen werknemer binnen basis- en eindloon ligt.

Leerlingen en leerling-lonen (artikel 11 lid 4)

  • Als uitzondering op de hoofdregel mag de werknemer die in het kader van instroomtrajecten voor doelgroepen via bijvoorbeeld afspraken of trajecten van UWV, gemeenten of reïntegratie vanuit uitkering of ander werk formeel leerling is of wordt mag worden beloond op het niveau wettelijk minimumloon.

Loonronden (artikel 11, lid 6 en 7) Zie artikel 11, lid 6 en 7.

  • Na verwerken van de loonronde per 1 juli 2008 is de nieuwe loontabel per 1 juli 2008 van kracht.

Vakantie-uren opbouw (artikel 16 lid 2)

  • Bij de opbouw van 0,096 vakantie-uur per verloond uur is het onderscheid tussen het wettelijke minimum (0,0768) en de extra cao-opbouw (0,0192) vastgelegd. De wettelijke uren kunnen tijdens het dienstverband niet worden "geruild" (artikel 17). De extra cao-urenopbouw wel. Als u dit wilt faciliteren is het handig de wettelijke en extra cao-vakantie-urenopbouw apart te administreren.

Vakbondscontributie (artikel 20)

  • De werknemer mag de werkgever vragen de betaalde vakbondscontributie via het bruto loon te verrekenen in de loonheffingen. Dat levert de werknemer een netto voordeel op en bespaart de werkgever wat werkgeverslasten.
 :